Nominale waarde

Alle obligaties worden altijd op een nominale waarde uitgegeven. Dit is de waarde die op het verhandelbaar waardepapier staat aangeven. Deze waarde wijkt meestal af van de koers die een obligatie waard is in de markt.

Voorbeeld:

ING kan een obligatie van 100 euro met een looptijd van 5 jaar uitgeven. Een belegger moet dan 100 euro betalen voor 1 ING obligatie. Aan het einde van de looptijd krijgt de belegger de lening van 100 euro uitbetaald. In de tussentijd krijgt de belegger rente op de lening van ING uitgekeerd. De nominale waarde is continu 100 euro. De waarde op de markt kan echter hoger of lager zijn.

Waarde van een obligatie kan tussentijds fluctueren

In tijden dat obligaties populair zijn loopt de waarde van jouw obligatie mogelijk op. Als de kans op terugbetaling van een obligatie kleiner wordt (denk aan de schuldencrisis in Griekenland) dan is de marktwaarde van de obligatie veel lager. De nominale waarde is echter nog steeds gelijk.

Reacties zijn gesloten.